Ritsen in het verkeer: hoe en wanneer?
Bij een wegvallende rijstrook en file ontstaat vaak onnodige vertraging omdat automobilisten te vroeg invoegen op de snelweg. Ritsen lost dat op: rustig doorrijden en om-en-om invoegen bij het samenvoegpunt.
Bij een wegvallende rijstrook en file ontstaat vaak onnodige vertraging omdat automobilisten te vroeg invoegen op de snelweg. Ritsen lost dat op: rustig doorrijden en om-en-om invoegen bij het samenvoegpunt.
Ritsen is het om-en-om invoegen van twee rijstroken bij een wegversmalling met vertraagd verkeer.
Ritsen komt terug op het CBR examen als onderdeel van filegedrag op de snelweg. Maak een theorie oefenexamen online en test je kennis. Het gaat om het om-en-om invoegen van twee rijstroken die samenkomen tot één, meestal bij een wegversmalling met een file.
Bij een wegvallende rijstrook zie je vaak dat automobilisten al ver voor de versmalling invoegen, waardoor de wegvallende rijstrook grotendeels leeg blijft terwijl de andere rijstrook helemaal vol staat. Ritsen betekent dat je dit voorkomt: je blijft rustig doorrijden op je eigen rijstrook tot vlak voor het punt waar de rijstroken samenkomen, en voegt daar om-en-om in met het verkeer van de doorgaande rijstrook. Zo gebruik je de volledige lengte van beide rijstroken en ontstaat er minder extra vertraging.
Geef op tijd richting aan zodra je de wegversmalling nadert. Blijf op je eigen rijstrook rijden, ook als die bijna leeg is, tot je vlak bij het samenvoegpunt bent. Zoek daar oogcontact met een bestuurder op de doorgaande rijstrook en voeg in zodra die je de ruimte geeft. Voegt niemand vanzelf in, blijf dan rustig doorrijden tot vlak voor het einde van de rijstrook in plaats van halverwege te stoppen: stilstaan halverwege blokkeert de rijstrook voor iedereen achter je.
Rijd door tot het samenvoegpunt in plaats van al ver van tevoren in te voegen. Zo blijft de wegvallende rijstrook bruikbaar en ontstaat er minder extra file.
Ook bij ritsen blijft invoegen een bijzondere manoeuvre: de invoegende bestuurder verleent voorrang aan het verkeer op de doorgaande rijstrook. Ritsen werkt in de praktijk alleen goed als bestuurders op de doorgaande rijstrook uit zichzelf ruimte maken. Doe je dat als doorgaand verkeer, dan voorkom je dat de invoeger moet remmen of stilstaan, wat de doorstroming ten goede komt.
Sta je in een file op de snelweg, dan mag je rechts inhalen. Houd bij het ritsen ook rekening met motorrijders: die mogen bij stilstaand of stapvoets rijdend verkeer tussen de twee meest linkse rijstroken door rijden. Extra spiegelen en geen onverwachte stuurbewegingen zijn daarom belangrijk tijdens het ritsen.
Bij stilstaand of stapvoets verkeer mogen motorrijders tussen de rijstroken doorrijden. Kijk daarom extra goed in je spiegels voor je van rijstrook wisselt tijdens het ritsen.
Meer over hoe je op tijd de juiste rijstrook kiest, lees je op onze pagina over rijstroken. Oefen gratis via app.theorie.nl en test je kennis over filegedrag.