Wat is een uitritconstructie?
Een uitritconstructie is een bouwkundige uitvoering van een uitrit, ontworpen volgens de richtlijnen van CROW (het kennisplatform voor infrastructuur). De constructie maakt visueel duidelijk dat een zijweg geen gelijkwaardige weg is, maar een toegang tot een terrein. Denk aan toegangen tot parkeerterreinen, garages, supermarkten, bedrijfsterreinen en woonerven.
De wet kent geen exacte definitie van een uitrit, maar wel kenmerken die de weggebruiker direct moeten laten zien dat het om een uitrit gaat. De CROW-richtlijn 'Drempels, plateaus en uitritten' beschrijft het zogenaamde constructiecriterium: een uitrit moet zo zijn vormgegeven dat de bestuurder de situatie meteen herkent.
De drie CROW-kenmerken van een uitritconstructie
Volgens de CROW-richtlijn voldoet een uitrit aan het constructiecriterium als deze drie kenmerken aanwezig zijn:
1. Doorlopende verharding
Het trottoir en/of fietspad loopt langs de doorgaande weg ononderbroken op nagenoeg dezelfde hoogte door over de zijweg. De bestrating blijft hetzelfde: trottoirtegels blijven trottoirtegels, rood fietsasfalt blijft rood. Het oogt alsof de stoep over de zijweg heen wordt gelegd, niet andersom.
2. Inritblokken
Aan beide zijden van de zijweg liggen zogenaamde inritblokken: schuine blokken die de overgang maken tussen de hoofdrijbaan en het hogere niveau van de doorlopende stoep. De CROW schrijft een helling van 1:6 of flauwer voor. Dat betekent dat per 6 centimeter horizontaal, het blok maximaal 1 centimeter omhoog komt.
3. Vlakke aansluiting
De aansluiting van de hoofdrijbaan op het inritblok moet vlak zijn. Aansluitbogen, waarbij de hoofdrijbaan kromt voor de zijweg, zijn niet toegestaan in een uitritconstructie. De hoofdrijbaan loopt dus gewoon recht door, alsof de zijweg er niet is.